Zelf aan de slag

Timmer zelf een nestkast

Het is natuurlijk altijd leuk – vooral voor kinderen – om zelf een nestkastje te bouwen. De winter is erg geschikt om nestkastjes te maken. Je kunt ze nog tijdens de winter ophangen. De vogels gebruiken ze dan als slaapplaats.

Wat heb je nodig?

  • Een plank van dennenhout van 14 cm breedte, 2 cm dikte en 120 cm lengte)
  • Spijkers van 40 mm
  • Kleine hamer
  • EHBO koffer
  • Een béétje geduld!

Hoe ga je aan de slag?

  • Zaag de plank in twee op 56 cm, hou in de volgende stappen rekening met de dikte van de zaagsnede.
  • Vervolgens verzaag je de plank op 10 cm breedte, er rest een ‘lat’ van bijna 4 cm breedte die later als bevestigingslat dienst doet.
  • Uit dit stuk haal je de bodem en de voor- en achterkant.
  • Uit de rest van de plank (14 cm breed) haal je de beide zijkanten en het dak. Zaag de eerste zijkant schuin af, vervolgens de tweede zijkant recht afzagen. De ‘overschot’ is het dak.
  • In principe heb je enkele centimeters ‘overschot’ voor de zaagsnede.
  • In de voorzijde boor je met een klokboor de invliegopening, voor koolmees bedraagt de  diameter 30 mm, voor pimpelmees 28 mm.
  • Onderaan de voorzijde zaag je in het midden een slip van 1 cm, deze dient om bij afwerking een winkelhaakje in te draaien om de voorzijde af te sluiten.
  • De achter- en voorzijde kan je bovenaan afschuinen zodat het dakje perfect aansluit.
  • Nagel de kast in elkaar, de voorzijde nagel je enkel vast met 2 nagels bovenaan die dienst doen als scharnier. Let er op dat beide ‘scharniernagels’ mooi tegenover elkaar staan om het ‘deurtje’ goed te laten werken!
  • Boor in de bevestigingslat 2 gaatjes boven- en onderaan zodat je ze later tegen een muur kan vijzen.
  • Bevestig op het laatste de ‘bevestigingslat’ (zaag ze op ruime lengte) aan de achterzijde van de kast.
  • Als de nestkast tegen een boom wordt opgehangen, bind je de lat met touw vast aan de boom.

Je kan de nestkasten het ganse jaar laten hangen. Wil je ze toch weghalen voor de winter dan wacht je tot september om ze weg te nemen en hang je ze terug vanaf begin of half februari.
Na elk broedsel mag je het oude nestmateriaal verwijderen. Het oude materiaal in een nestkast herbruiken ze niet dus je doet de toekomstige ouders een plezier door het nestmateriaal te verwijderen en het kastje te kuisen door er bijvoorbeeld heet water door te gieten.
Heb je minder tijd, kuis dan zeker eens half september en nog eens keer half februari om de uitwerpselen en ander vuil dat in de winter erin kwam te verwijderen.

Tips voor het ophangen van een nestkast

  • De aanvliegroute naar de kast hou je best vrij, er mogen geen takken of bladeren net voor de vliegopening hangen. Halfopen kasten plaats je best wel in begroeiing.
  • De hoogte waarop je de nestkast best hangt, verschilt van soort tot soort. Kleine zoogdieren roven vaak nesten, hang indien mogelijk dus de kast op een hoogte van minimum twee meter en maximum vijf meter hoogte.
  • Op een open plaats richt je de invlieg-opening weg van het zuidwesten (de heersende windrichting).
  • Als je meerdere kastjes hangt, plaats ze dan niet te dicht bij elkaar. Kasten voor verschillende soorten moeten minimaal drie meter uit elkaar hangen, kasten voor dezelfde soort moeten minstens tien meter uit elkaar hangen.
  • De huismus houdt wel van gezelligheid, hang een aantal kasten met invliegopening van 35 mm met een tussenafstand van 20 tot 30 cm op, of experimenteer met een mussenappartement.
Activiteiten
Blijf op de hoogte

Geef een seintje via Facebook
X