Activiteiten

 

Links

 

Natuurgids.net

Zoek naar info over natuur en milieu in de Natuurgids.

U bent hier: naar homepageHome > Actueel > 2008

De vleermuizenbunkers in het Elsenbos

Wout Willems & Bram Vogels - 14 september 2008

De deelnemers aan de Nacht van de Vleermuis weten het ongetwijfeld: vleermuizen zijn prachtige dieren, maar zeer kwetsbaar doordat ze maar één jong per jaar krijgen. Bij vernietiging van een kolonie of verblijfplaats duurt het herstel dan ook vele jaren.

Ingekorven vleermuizen. - Foto: Fons Bongers
Ingekorven vleermuizen. - Foto: Fons Bongers.

Tijdens de zomermaanden, wanneer er voldoende insecten zijn, ‘overdaggen’ vleermuizen in bomen, op zolders, tussen spouwmuren, ... Door hun nachtleven vallen ze niet erg op. Omdat er tijdens de wintermaanden onvoldoende voedsel is, eten vleermuizen zich in de herfst rond en gaan van oktober tot maart of april in winterslaap.

Een geschikte winterslaapplaats vinden, is niet gemakkelijk. Die moet voor de meeste soorten aan drie voorwaarden voldoen: een constante temperatuur boven het vriespunt, een hoge luchtvochtigheid en geen menselijke verstoring. Plaatsen die bij ons daaraan voldoen zijn forten, ijskelders en bunkers. Om de dieren overlevingskansen te geven, zijn in de Noord- Antwerpse regio tientallen bunkers speciaal ingericht. De bunkers in het Elsenbos maken daar een belangrijk deel van uit.

Het Elsenbos is voor vleermuizen zeer interessant. In en rond dit bos bevindt zich een Duitse bunkerlinie uit 1917, waarvan eenentwintig bunkers beheerd worden door het Agentschap voor Natuur en Bos. De twaalf meest geschikte bunkers werden in 2005 ingericht voor vleermuizen.

Door jaarlijkse tellingen in de bunkers wordt zowel het bestand van de dieren als het effect van de inrichting opgevolgd.

De tellingen tonen aan dat de bunkers een onderkomen bieden aan grootoorvleermuis, baardvleermuis, Brandts vleermuis, watervleermuis en franjestaart. ’s Winters wordt geen onderscheid tussen baarden Brandts vleermuis gemaakt omdat dit zelden mogelijk is zonder verstoring. Onderstaande grafiek toont de evolutie van de aantallen in de negentien toegankelijke bunkers.

De eerste resultaten zijn veelbelovend, zeker in combinatie met de inrichting van bunkers in het nabijgelegen Mastenbos (Kapellen) rond dezelfde periode met een veel ruimer aanbod tot gevolg. Winterobjecten zijn op termijn succesvoller naarmate er meer in elkaars nabijheid liggen, over concurrentie is dan ook geen sprake. Dankzij dit aanbod kunnen vleermuizen verhuizen naar objecten waar de omstandigheden op dat ogenblik het gunstigst zijn, en vinden meerdere soorten hun gading.

Opvallend is dat het aantal vleermuizen onmiddellijk na de inrichting (oktober 2005) gedaald is. De twee oorzaken hiervoor zijn dat de bunkers vrij laat op het jaar zijn ingericht, zodat vleermuizen die al op verkenning kwamen mogelijk afgeschrikt werden, en een meer open bosstructuur door het verwijderen van exoten. Deze effecten zijn tijdelijk en er wordt verwacht dat de aantallen op termijn verder zullen stijgen. Het hoge aantal van de laatste winter wordt mogelijk mede veroorzaakt doordat na een vorstperiode is geteld, waardoor meer dieren die nog op koudere plaatsen (holle bomen) verbleven hun toevlucht zochten in de warmere bunkers.

De aantallen van ingerichte en niet-ingerichte bunkers onderling vergelijken om het succes van de inrichting na te gaan is niet mogelijk door de beperkte gegevens van de niet-ingerichte bunkers. De telresultaten in de ingerichte bunkers geven wel interessante cijfers. (Eén voordien ontoegankelijke bunker werd hieruit weggelaten.)

Op basis van de resultaten kunnen we deze bunkers grofweg opsplitsen in drie groepen, namelijk: bunkers waarin het aantal vleermuizen na inrichting fel is toegenomen (2), bunkers waar (nog) geen duidelijke trendlijn is te bespeuren in het aantal vleermuizen (5) en bunkers waarin het aantal vleermuizen na inrichting merkbaar is gedaald (4).

Het is interessant om bij deze laatste groep na te gaan wat de mogelijke oorzaken zijn. Voor één bunker moeten we een verklaring schuldig blijven (toeval?). Voor de drie andere werd bij het inrichten de inkruipopening uitgegraven en/of een halve meter dikke muur verwijderd om deuren te plaatsen. Het voorkomen van verstoring (al vrijwel nihil door moeilijke toegang) weegt hier dus blijkbaar niet op tegen het verlies aan bufferwerking van de aarde.

Indien de trend in deze vier bunkers zich voortzet, kan de inrichting aangepast worden. Door de deuren te verkleinen, kunnen we de voordelen van nulverstoring en bufferwerking combineren.

Een goede opvolging van winterverblijven leidt tot betere kennis, zowel over de toestand van de vleermuizen als over het effect van beschermingsmaatregelen. De vleermuizen kunnen er enkel maar bij winnen.

 

Meer info

 

Contactpersonen

Natuur.huis

Natuurgebied

Elsenbos

Dossiers

Zoogdieren