Bram Vogels - 6 april 2008
De pimpelmees is één van onze meest gekende tuinvogels. Hij staat in de top tien bij “Voeren & Beloeren” en komt voor in 90% van de tuinen. Daarnaast hebben veel mensen een nestkastje in de tuin hangen voor deze kleurrijke verschijning. Maar kennen we dit vogeltje wel? Zijn de vogels die in de winter aan de vetbollen hangen wel dezelfde als degene die in de zomer in je nestkastje hebben gebroed?

De pimpelmees is in de winter
verzot
op
pindanoten. - Foto: Rafael Delaedt.
Dankzij de continue inspanning van vele vrijwilligers op trektelposten in het hele land is er dit jaar een opvallend fenomeen waargenomen bij de pimpelmezen. Er is vastgesteld dat vanaf begin oktober het aantal overtrekkende pimpelmezen plots sterk de hoogte in schiet. De aantallen zijn blijven stijgen tot absolute hoogtepunten. Alle eerdere telrecords zijn professioneel van de kaart geveegd en vervangen door verbluffende aantallen. Op sommige dagen zijn meer dan 500 overvliegende pimpelmezen gezien met een absoluut record van maar liefst 2.200 overvliegende individuen.
Het is dus duidelijk dat er een blauwe vloedgolf over ons landje uitgespoeld is. Maar het vaststellen hiervan is één zaak, de herkomst van deze beestjes achterhalen is een ander paar mouwen. Pimpelmezen komen ongeveer overal in Europa voor met uitzondering van IJsland en het uiterste noorden van Scandinavië. Door de aanwezigheid van enkele kruisingen in de groepen pimpelmezen kunnen we al een vermoeden krijgen vanwaar de pimpelmezen afkomstig zijn. Hiervoor moeten we je wel eerst voorstellen aan het Aziatische broertje van de pimpelmees, namelijk de azuurmees. De azuurmees lijkt oppervlakkig gezien wat op een pimpelmees alleen moet je in gedachten het geel van de pimpelmees vervangen door wit en het blauwe petje van de pimpelmees afzetten. Blijkbaar denken sommige pimpelmezen er hetzelfde over en ontstaan er kruisingen tussen beide soorten, pleskesmezen genoemd. De azuurmees komt enkel voor in Rusland en Centraal-Azië, waar dus ook de kruisingen moeten geboren zijn. Maar zijn alle pimpelmezen dan van Oost-Europa afkomstig omdat er enkele kruisingen tussenvliegen?
Op deze vraag kunnen de ringers antwoorden. In heel Europa worden vogels gevangen en voorzien van een ringetje om trekpatronen te ontrafelen. Wanneer deze vogels op een andere plaats worden gevangen, kan de reis aan de hand van het ringnummer gereconstrueerd worden. Het is dan ook geen verrassing dat er tussen de vele pimpelmezen ook enkele vogels zaten die in Oost-Europese landen zoals Estland, Litouwen en Rusland reeds geringd werden.
Maar zijn nu alle pimpelmezen die in jouw tuin zitten afkomstig uit Oost-Europa? Zeer waarschijnlijk niet. Onze lokale vogels vliegen niet ver en zijn dan ook wat men noemt standvogels. Dit in tegenstelling tot trekvogels die in de zomer naar de broedgebieden trekken en in de winter terug zuidelijker vliegen om te kunnen overwinteren. De groepen pimpelmezen die in jouw tuin zitten, zijn een mengeling van lokale vogels met daartussen pimpelmezen die afzakken vanuit de bossen naar je voedertafel en waarschijnlijk ook enkele die van een heel eind verder komen.
Maar waarom hebben nu plots een groot deel van de pimpelmezen uit Oost-Europa besloten om naar onze contreien af te zakken? Waarom zou een vogel meer dan duizend kilometer vliegen vanuit de prachtige en uitgestrekte Oost-Europese bossen naar ons sterk verstedelijkt landje? Net zoals bij vele andere invasies ligt waarschijnlijk voedselgebrek aan de grond van deze massale verplaatsing. Een dergelijke migratie is in het verleden al vastgesteld in jaren met weinig beukennootjes in Noord- en Oost-Europa. Het is dus ook niet uitzonderlijk dat er massaal pimpelmezen naar onze streken afzakken. In 2003 is er ook een invasie van pimpelmezen geweest, maar lang niet zo groot als dit jaar.
Nu je weet waar de trouwe pimpelmees van je voederplank misschien vandaan komt, heb je waarschijnlijk nog meer respect voor deze vaste klant. Denk er de volgende keer eens bij na vanwaar dit vogeltje misschien komt en waar hij binnenkort waarschijnlijk terug naartoe zal vliegen. Geef hem gerust nog wat extra zonnebloempitten of nootjes want hij zal het misschien nog goed kunnen gebruiken. En als het noodlot toeslaat en er een pimpelmees sneuvelt, kijk dan ook altijd even aan de pootjes of hij niet toevallig geringd is. Wie weet …