16 januari 2005 - Kris Beerlandt
De grasmat ontbreekt in geen enkele tuin. Niets is makkelijker dan de open ruimte te bekleden met gras. Gazons geven een gevoel van ruimte en diepte. Het gazon geeft mogelijkheden voor spel, sport of feestje. Gras groeit snel en in ons klimaat zonder problemen, met als gevolg dat wanneer we stoppen met gras afrijden, het grasland vlug verwildert. Bomen en struiken kiemen op relatief korte tijd. In een beperkt aantal jaren evolueert de egale grasmat naar een dichte bosschage. Grasland blijft alleen bestaan bij de gratie van de mens of van grazende dieren.

Schaduw in de tuin
Voor het aanleggen van een gazon zijn er twee mogelijkheden: één het inzaaien van gras of twee het aanbrengen van voorgekweekte zoden. Zaaien is merkelijk goedkoper. In droge jaren duurt het een 6-tal weken vooraleer het gezaaide gras mag en kan betreden worden. Het zaaien gebeurt best in een natte periode, in het voorjaar van half maart tot mei en in het najaar van augustus tot begin oktober. Eenjarige kruiden ontkiemen even vlug: herderstasje, spurrie, kruiskruid.
Hier ontstaat dan de eerste paniek van de eigenaar die droomde van een egale grasmat, je weet wel, duizend keren hetzelfde plantje. Selectieve herbiciden worden dan ingezet door de al te ijverige tuineigenaar. Dit is echter een overbodige maatregel, want al deze kruiden verdwijnen na enkele maaibeurten vanzelf. In kort gemaaid gras houden slechts een kleine groep planten stand: klaversoorten, paardebloem, madeliefje, kruipende boterbloem, draadereprijs.
Eerder dan dit kruidenrijke tapijt te willen vernietigen kunnen we eens onderzoeken wat die kruiden ons nu precies vertellen. Witte klaver treedt op in gazons die aan bodemverdichting en uitdroging lijden. Klaver brengt echter stikstof in de grond, op die manier heeft de plant een grondverluchtende werking. Wie deze situatie herkent en voor zich zelf een egale grastapijt wil, moet dus permanent zorgen voor een goede bodemverluchting en voor genoeg vocht zorgen bijv met de verticuteerhark. In onze ecologische siertuin vinden we het zelden de moeite waard om zoveel werk te zoeken.
Bekijk het eens op deze manier: klavermatten zijn beslist leuk en aangenaam onder de voet. De plant blijft groen in de winter en de zomerse droogteperiodes zijn voor de plant geen probleem.
Grote weegbree en schijfkamille groeien ook op toegeslagen gronden. Het zijn planten die in de natuur groeien op platgelopen paden en terreinen. Niet voor niets noemden de indianen de grote weegbree ‘de voetstap van de blanke man’.
Wanneer paardebloem en madeliefje ons grastapijt sieren duidt dit op bemesting met stikstof en fosfor. Paardebloemen komen veel voor op overbemeste weilanden en gazons. Madeliefje of ook wel ‘meizoentje’ genoemd bederft minder het egale uitzicht. Madeliefjes kunnen meestal wel op de sympathie van de tuineigenaar rekenen. Madeliefjes in combinatie met de blauwwitte bloempjes van de draadereprijs zorgen voor een ongedwongen vrolijk bloementapijt.

Sneeuwklokje (foto: Stefan Versweyveld)
De kruipende boterbloem is dan weer een lastiger kruid en groeit samen met haakmos. De combinatie van deze twee duidt aan dat je er beter geen gazon aanlegt. Op die plaats kan je het aanleggen van een bollengrasland overwegen. Bolgewassen zijn ideaal om het gazon een vrolijke lentetoets te geven. Veel bolgewassen zijn afkomstig uit de bergweiden rond de Middellandse zee en het Midden-Oosten. Ze bloeien als de sneeuw smelt en na de eerste lenteregens.
In ons bollengraslandje kiezen we voor bollen die geschikt zijn voor verwildering. Tijdens de herfst van eind september tot einde oktober kunnen we boerenkrokus, bonte krokus, sneeuwklokje aanplanten. In ons graslandje worden de bollen niet in een rechte lijn gezet, of niet als een heksenkring rond een boom. Het geheel moet er natuurlijk en soepel uitzien. Het is best ze los verspreid te zetten in groepjes van 1 tot 8 bolletjes. Elk groepje bestaat uit bolgewassen van dezelfde soort.
De soorten die het vroegst in bloei komen, blijven laag en passen in het korte voorjaarsgras. Als de tijd komt om het gazon af te rijden, kan je in mooie bochten langs de toefjes het gras afrijden. Op deze plaatsen groeit het gras hoger en ontstaan de ideale kiem- en groeiomstandigheden voor pinksterbloem en margrieten.
Bloemenweiden, bloemenakkers zijn ontstaan als reactie op de alsmaar verdergaande aftakeling van de ons omringende natuur. Er is vraag naar speelse en ongedwongen tuinen. Ook in deze tijd van druk, drukker, drukst, is er steeds meer vraag naar arbeidsarme tuinen, natuurrijke tuinen. Het onderhoudsarme aspect is dikwijls een doorslaggevend argument om tot de aanleg van een bloemenweide over te gaan. Eén tot drie maaibeurten volstaan, dit in tegenstelling tot een kort gemaaide grasmat waar je tot 30 maal je gazon moet afrijden. Wat is nu precies een bloemenweide? Dit stuk grond bestaat vooral uit doorlevende bloeiende planten en grassen. In principe moet de bloemenweide zich in stand houden met een aangepast maaibeheer. De praktijk wijst uit dat dit niet altijd eenvoudig is.
Een bloemenakker daarentegen wordt jaarlijks omgespit en ingezaaid met éénjarige bloemen. Dit type van akker kan je aanleggen als je woning pas gebouwd of verbouwd is en in afwachting van een definitieve aanleg van de tuin. Kiezen voor een bloemenweide is kiezen voor een stuk van je tuin waarvan je de evolutie niet zo direct kan voorzien. Soms gaat je voorkeur naar een bepaalde kleurengamma van bloeiende planten. Maar in eerste instantie moeten de planten geschikt zijn voor het terrein en dit kan je nooit met zekerheid voorspellen. Zeker is dat er altijd spontane evoluties zullen optreden.
De kunst van het aanleggen van een bloemenweide is in de eerste plaats het inschatten van de mogelijkheden die de tuin biedt. Een onaangepaste keuze wordt onvermijdelijk afgestraft. Het volstaat dus niet het gazon te laten verwilderen en dan maar af te wachten hoe het vanzelf verandert in een kleurige bloemenweide. Op een gazon die tot voor kort rijkelijk werd bemest, tover je niet onmiddellijk een bloemenweide. Een mogelijkheid is om het gazon gewoon af te rijden gedurende een 3 tal jaren en dan het maaisel telkens afvoeren. Bloemenweiden groeien het best op schrale tot matig voedselrijke gronden.
Tot slot over dit grazige onderwerp, een van de grootste milieuproblemen waar wij in ons land mee moeten omgaan, is de overbemesting. Voor tuinen in Vlaanderen betekent dit dat we beter zeer schaars gebruik maken van meststoffen. Onze gazons hebben echt geen bijkomende bemesting nodig. Als er toch tekorten zouden optreden volstaat het om het maaisel te laten liggen. Algauw heb je terug een groene grasmat. Over het boeiende dierenleven dat in een kruidenrijk gazon of bloemenweide zijn tweede thuishaven vindt, vertellen we in het voorjaar een boeiend verhaal.
Kris Beerlandt is natuurgids en lesgever bij VELT. Lees meer